Het leenstelsel voor onze studenten

Jan Sterenborg


Uit Wikipedia:
Het feodalisme of de feodaliteit (van het Latijnse feudum of leen), ook wel leenstelsel genoemd, is een begrip in de geschied- en rechtswetenschap en in de sociale wetenschappen waarin een maatschappelijke orde wordt aangeduid waarin een onderlinge verplichting tot trouw, bijstand en het betalen van schattingen wordt bereikt door het in leen geven van gebieden.
Het woord feodalisme werd in de middeleeuwen nog niet gebruikt. Tijdens de Franse Revolutie werd het begrip in negatieve zin gebruikt. De rond 1789 in zwang gekomen term Féodalité beschrijft de door het leenstelsel ontstane middeleeuwse standenmaatschappij met haar onderlinge plichten en privileges.
Karl Marx gebruikte het begrip feodaal om de productieverhoudingen aan te duiden die bestonden tussen de periode van de slavernij en de periode van het (vroege) kapitalisme.


Als we het bovenstaande lezen gaan we dus terug in tijd niet vooruit met een nieuwe aanpak maar achteruit.

De verhoudingen zijn duidelijk. Er is sprake van een verplichting. En niet zoals onze liberale partijen ons beloven vrijheid. Verder is er mi ook sprake van een verkeerde benadering. De onderliggende idee is je gaat studeren dus je gaat meer geld verdienen in de toekomst dus kun je dat best zelf betalen.

Klinkt allemaal heel logisch ware het niet dat het krijgen van een baan slechts voor weinigen is weggelegd. En die weinigen horen nu juist tot die liberale groepen mensen die het al goed hebben mensen die geld en vermogen hebben, mensen die kruiwagens hebben. Zonder kruiwagens kom je nergens.

Daar bovenop komt dat als iemand gaat studeren hij of zij zich een aantal jaren buiten het maatschappelijke leven plaatst en dit itt iemand die direct gaat werken en die dus van dag 1 af aan geld en bezit opbouwt en rechten niet te vergeten.

Dit kan een student dus niet! Is deze student uitgestudeerd en probeert zijn positie in de maatschappij te vinden dan zijn in wezen alle plekken al bezet!

Als derde punt wil ik aandragen dat het een kwestie van beschaving is dat als jonge mensen willen studeren, men neemt maar voor het gemak aan dat studeren zonder gevaren is, we ze moeten ondersteunen als samenleving want als deze meer ontwikkelde mensen terugkeren in de samenleving dan profiteert de samenleving daar ook van.

Stel je een samenleving voor met alleen maar domme mensen.

Maar goed sinds enige tijd bestaat het begrip samenleving niet meer en is het begrijpelijk dat ieder het voor zich maar moet uitzoeken en dat het alleen maar hebzucht is als motief om te gaan studeren.

Tenslotte vergeten de politici en de bestuurders dat er vele andere manieren zijn om de kosten van studenten te financieren(pensioenfondsen, belastingen), je hoort ze er niet eens over want het is wel handig als er weer een potje met geld vrijkomt om de bestaande (onrechtvaardige) verhoudingen in stand te houden.

Feodaal bestuur of meer recent de nieuwe NSB regeert, landverraders zijn aan de macht die over de ruggen van wie dan ook: ouderen, studenten tweeverdieners, ZZp-ers etc. hun bestaande allang niet meer adequate posities willen handhaven, koste wat het kost.

Pek en veren voor deze domheid.


Het feodalisme was gegroeid uit de standenmaatschappij van het late Karolingische rijk. De Frankische koningen baseerden oorspronkelijk hun macht vooral op de jaarlijkse veldtochten (lees: plundertochten). De koning kon zijn mannen belonen uit de buit die daarbij behaald werd. Toen Karel de Grote een groot deel van Europa veroverd had, en er buiten zijn landsgrenzen eigenlijk geen rijke gebieden over waren om te plunderen, moest hij een andere methode bedenken om zijn mannen aan zich te verplichten. Bovendien was het rijk veel te groot voor de primitieve communicatiemiddelen van die dagen. De koning was gedwongen eindeloos rond te reizen om plaatselijk zijn gezag af te kunnen dwingen en zijn belastingen ter plaatse op te eten, want deze werden veelal in natura voldaan. Hij had daarom plaatselijke vertegenwoordigers nodig en uit deze - aanvankelijke - ambtenaren is de adelstand ontstaan.